ICT & overheid, zo kun je ook naar het essay van Bas Haring kijken

Bas Haring is een professor uit Leiden bekend om zijn vermogen moeilijke wetenschappelijke begrippen en theorieën in eenvoudige taal uit te leggen. Ik zag hem een aantal maal optreden; informeel gekleed, al pratend een horloge voor zich neerleggend en snel nippend aan een biertje. Het lijkt vanzelfsprekend. Zoals een ballerina bijna. Je krijgt niet te zien hoe moeilijk dit is, hoe pijnlijk de voeten zijn, op het toneel ziet alles er zeer natuurlijk uit en lijkt de pirouette geen moeite te kosten. Pas als je zelf je beblaarde tenen op elkaar klemt om de spitzen aan te doen, kun je erover meepraten. Moeilijke dingen makkelijk maken is nou eenmaal moeilijk maar ziet er juist makkelijk uit.

In een essay voor een klankbordgroep e-government schreef Bas Haring een ‘probeersel’ over ICT en overheid met de titel: Misschien kun je er ook zo naar kijken.

Het is een zeer helder en mooi verhaal zonder het gebruikelijke, Orwelliaans taalgebruik op dit gebied zoals; ‘de BV Nederland’, ‘robuust’, ‘efficiencyslag’, ‘klantcontact’, ‘ketenmanagement’ ‘doorpakken’ en verreweg de meest dubbelzinnige: ‘uitdaging’.

Het stuk lijkt op een achternamiddag aan een picknicktafel in een speeltuin opgetikt te zijn, het is losjes en aangenaam concreet. Het is een essay waarin steeds een conclusie of denkrichting wordt geformuleerd.

In deze bijdrage bespreek ik dit essay vanuit mijn onderzoek. Dit gaat over een onderdeel van ict en overheid, namelijk geautomatiseerde besluiten van de overheid die mede zijn gebaseerd op informatie van andere onderdelen van de overheid, en hoe effectief de rechtsbescherming daarbij is voor burgers.

Das Leben der Anderen en Michael Lipsky

Bas Haring begint het essay met een verwijzing naar de film Das Leben der anderen en de Stasi-medewerker die na verloop van tijd de van boven opgelegde regels niet meer uitvoert.
daslebenderanderen

Dit gaat natuurlijk over Lipsky. Lipsky toonde aan dat het beleid van de overheid niet gemaakt wordt door beleidsstukken of interne werkprocessen, maar door de ambtenaar die in rechtstreeks contact staat met de burger, de street-level bureaucrat.

Uiteindelijk is het aan hem of haar om een keus te maken; volg ik het systeem dat gemaakt is voor de standaard gevallen? Of wijk ik af omdat dit een uitzondering is waar het systeem duidelijk niet voor gemaakt is?

In het persbericht bij het jaarverslag van Arre Zuurmond als ombudsman Amsterdam stond te lezen dat het tijd was voor de emancipatie van de uitvoering. Dat de wijze van uitvoering ook juist het probleem kan zijn, weten we ook van het al best langlopende project ‘Prettig contact met de overheid’. Niet zozeer de Awb als wet bleek de veroorzaker van formalisering van het openbaar bestuur als wel de uitvoering door de overheid zelf en de interpretaties van de rechters.

Kortom, er mogen dan veel mensen zijn die professioneel beleidsmaker zijn, of dit feitelijk zo is is maar de vraag. En mensen die dat wel zijn, weten dat vaak zelf niet. Wat me erg aanspreekt is dat in het essay ‘abstract’ wordt gekoppeld aan ‘menselijkheid’.

De conclusie van Haring is verrassend:
Mensen die procedures uitvoeren moeten kunnen uitzoomen uit hun dagelijkse activiteiten en kunnen begrijpen waarom ze doen wat ze doen. Als het ene mens voor een ander mens. Maar de verregaande specialisering en abstrahering van werkzaamheden via ict maakt dit steeds lastiger.

ICT als automatische piloot dienstbaar aan de mens

Het tweede punt dat behandeld wordt, is het doel van ict als hulpmiddel van de mens bij het verrichten van complexe taken. Bas Haring gebruikt hiervoor als voorbeeld de taakverdeling tussen de automatische piloot en de ‘echte’ piloot. Of je het er nu mee eens bent of niet, een Boeing besturen zonder automatische piloot is niet meer mogelijk.

Dit is ook zo voor de huidige relatie overheid en burger of bedrijfsleven. Het verstrekken van uitkeringen op maandbasis vanuit de middelen die zijn verkregen uit belastingen kan simpelweg niet meer zonder ict:

141208_ketenninkaart09RGB-web

De rekencapaciteit, de snelheid van het verrichten van routineuze handelingen en de hoge verwachtingen van de verzorgingsstaat maken ict een fantastisch hulpmiddel. Maar het is ook een hulpmiddel dat beperkingen kent. En die beperkingen bestaan eruit dat het alleen dingen kan die voorgeprogrammeerd zijn, dat het zwart/wit uitkomsten wil en dat ict niets kan met natuurlijke taal, maar wel met enen en nullen.

Het is een soort sommencookiemonster; het wil altijd iets te rekenen hebben. Dat is uitstekend voor het gros van de besluiten die de overheid neemt. Maar uiteindelijk komt het erop aan wat de overheid doet als de computer het niet kan; gaat het dan simpelweg de computer napraten of gebruikt men juist hiervoor de menselijke intelligentie? Van ‘overheid’ gaat Bas Haring naar ‘routine & dienstbaarheid’.

(Misschien handig dat het OM dit stuk uit het essay nog doorneemt! http://www.nrc.nl/handelsblad/van/2014/oktober/25/boze-kantonrechters-en-beschamende-boetes-1431218)

Van routine & dienstbaarheid komt deze denkrichting:
ict dient de zaken te automatiseren die automatiseerbaar zijn. De standaardzaken. Juist om tijd en ruimte te hebben voor de niet-standaard zaken. Het gaat uiteindelijk om dienstbaarheid, en daartoe bestaan routines überhaupt.

Overheid tot burger —- ‘ik wil contact’

Bij het woord van overheid tot burger noemt Bas Haring ‘contact’. Ikzelf denk bij het woord contact direct aan Frank Boeijen: http://youtu.be/QWVg4z1ShP8. De hit ‘contact’ komt uit 1984. Ik ga hier mijn leeftijd niet met u delen maar dan heeft u enig idee. Want juist als het gaat om technologie is leeftijd een bepalende factor voor ons begrip hiervan.

Douglas Adams schreef in Salmon of doubt:
“I’ve come up with a set of rules that describe our reactions to technologies:
1. Anything that is in the world when you’re born is normal and ordinary and is just a natural part of the way the world works.
2. Anything that’s invented between when you’re fifteen and thirty-five is new and exciting and revolutionary and you can probably get a career in it.
3. Anything invented after you’re thirty-five is against the natural order of things.”

Dit betekent dat de wijze waarop ik naar technologie kijk, in wezen nog bepaald wordt door technologie uit het verleden: een mobiele telefoon, databases, gestructureerd berichtenverkeer, CD’s en skype. Over twintig jaar zal ik meewarig naar mijn boekencollectie kijken. En jongeren zullen meewarig naar mij kijken.

Uiteraard gaat dit ook op voor Bas Haring. Alleen hoorde ik hem vertellen dat het best handig is om je iPhone eens open te maken en proberen te begrijpen! Dit zie ik de rest van het ‘e-government-ambtenarenapparaat’ nog niet doen.

Iedereen die werkt op het gebied van ICT & overheid zou zich moeten realiseren hoe beperkt zijn beoordelingsvermogen wel eens zou kunnen zijn.

De denkrichting van Bas Haring:

De kwaliteit van contact wordt er niet minder op wordt dankzij ict, maar ons oordeel over de kwaliteit van contact wordt vertroebeld door het contact dat we al kennen.

Van burger naar overheid — watskeburt?

Vroeger kwam een burger naar een kantoor en deed daar zijn verhaal in de hoop op een gunstige beslissing door de ambtenaar. Deze beslissing werd door tal van factoren bepaald, niet alleen door officiële beslisbomen. Maar ook door functie-opvatting, tijdstip van de dag, er is geen wet zo dichtgetimmerd of een ambtenaar heeft altijd nog zijn beoordelingsvrijheid. Omdat het aantal wetten alleen maar is toegenomen zal zijn vrijheid eerder toenemen. Wetten en instructies vereisen vaak tegengesteld gedrag zodat je beslissing gerechtvaardigd kan worden.

Inmiddels weten we meer over onze sterke en zwakke punten als beslisser: zie bijvoorbeeld dit stuk over psychologie van oordeelsvorming door de rechter. http://digitalarchive.maastrichtuniversity.nl/fedora/get/guid:801370da-3043-4839-8625-666afd359c13/ASSET1

Het mooie van ict is dat deze niet discrimineert, geen last heeft van een ochtendhumeur en niet allergisch voor mannen-met-snorren-uitgezonderd-Tom-Selleck. images

De besluitvorming kan daarom zeer zuiver plaatsvinden. Wel wordt de ruimte die eerst bij de ambtenaar lag verschoven naar degene die het computerprogramma bouwt, de system-level bureaucrat van Bovens en Zouridis: http://www.uu.nl/faculty/leg/NL/organisatie/departementen/departementbestuursenorganisatiewetenschap/onderzoek/publicgovernance/Documents/Van%20street-level%20bureaucratie%20naar%20systeem-level%20bureaucratie_BovensNL.pdf

Als deze system-level-bureaucrats voortdurend bijhouden welke wettelijke bepaling zij op welke wijze programmeren, ontstaat een beter beeld over de uitvoering en de concrete besluitvorming, dan nu onze huidige beleidsregels aan zekerheid bieden. In 1993 schreef Franken al voor de VAR dat deze programmeerregels en openbaar zouden moeten worden. Marga Groothuis herhaalde dat in haar proefschrift in 2004 en vond ook dat ze begrijpelijk moesten zijn. Helaas is openbaarmaking van de beslisregels anno 2015 nog steeds niet gereagliseerd. Wel zijn er hoopvolle initiatieven: http://www.wendbarewetsuitvoering.nl/index.php/en/.

In het essay wordt de buitenkans van geautomatiseerde besluitvorming benadrukt:

ict kan weliswaar overkomen als een intransparante zwarte doos, als puntje bij paaltje komt maakt ict de wereld er juist transparanter op. Transparantie is bovendien niet iets dat je de hele tijd moet willen. Transparantie is als een verzekering die je achter de hand hebt in het geval van twijfel.

Dus?

‘Misschien kun je er ook zo naar kijken’ is een uitnodiging om anders te kijken naar ict en overheid. Het leuke van het essay is dat het, zoals ik heb geprobeerd te laten zien, heel wat meer is dan een probeersel.

Het enige dat ik miste is een gedachte aan de invloed van ict of technologie op ons zelf en ons gedrag. Op ons als mensen heeft het een mentale en fysieke invloed. We lijden steeds meer aan techno-en informatiestress. Ook fysieke invloeden zijn waar te nemen. Want zeg nou zelf, waren wij couchpotatoes geworden zonder dit apparaat?:
Eugene Polley

Elke toepassing van ict heeft bovendien binnen de overheid vrijwel direct een vervolg in zich. De aantrekkingskracht, belofte of het vooruitzicht is onbegrensd. Uiteindelijk wordt het hulpmiddel een absolute voorwaarde. Het vliegverkeer bijvoorbeeld is juist zo intensief doordat er veel gevlogen wordt met automatische piloten. De ene oplossing is nog niet bedacht of het zorgt al weer voor een nieuw probleem.

Ok dan, de moraal van het verhaal?

Als jurist ben ik geneigd te denken in regels en normen. Ik denk stiekem aan deze;
iedereen die werkt in ict en overheid (vooruit dan; ‘in e-government’) moet eerst hardop zijn leeftijd zeggen en dan dit essay gaan lezen.

Maar dan zou ik juist de aangename toon van het essay geweld aan doen. En iedereen maakt toch zijn eigen, al dan niet, intuïtieve besluiten dus dan is het het beste als u hier even uw eigen beslisregels voor maakt. Als kleine hint dan wel moraal van het verhaal, wil ik afsluiten met een van zes wetten van Kranzberg over technologie:

“Technology is neither good nor bad; nor is it neutral.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s